logo

Drijvend magazijn.

Een vissersschip is meer dan alleen maar een stalen klomp die gebouwd is om vis te vangen. Het moet ook nog eens een varend magazijn zijn voor reserve spullen die gebruikt moeten worden wanneer het nodig is.

Zo ligt het nettenruim vol met reserve onderdelen van de vistuigage. Zakken, achtereinden, lossen stukken want, pulsdragers en modules en zelfs hele elektrokabels liggen rommelig opgestapeld in een grote ruimte die veel al muf ruikt naar tapijt dat al decennia lang in de woonkamer ligt. Het zijn de voorhanden grijpende netvoorzieningen die vaak vernieuwd worden, juist omdat deze veel gebruikt worden. Echter ligt er altijd ergens in het ruim in een hoekje een sleeptros, dreg of anker weggemoffeld. Spullen die zelden gebruikt worden. Beter gezegd, alleen worden gebruikt wanneer er nood aan de man is.

Echter heeft elk compartiment aan boord heeft zo zijn eigen gedeelten waar goederen worden opgeborgen. Zo ligt er in het magazijn van de machinekamer over het algemeen meer ijzerwaren dan de plaatste scheepswerf herbergt. Liggen de koelkast, vriezer en opberg kasten in de kombuis zo vol met etenswaar dat je een daklozecentrum makkelijk een weekje kan voeden. Echter is er ook voor bemanningsleden een eigen kast waar hij zijn persoonlijke spulleb in kan bewaren. Elke hut heeft namelijk een even aantal kasten als kooien. Elke visser heeft zodoende bij zijn slaapgelegenheid mooi een plek waar hij zijn vieze en schone onderbroeken in kan neerleggen. Dat de vieze was meestal op een bultje op de grond van de hut word gedrapeerd is echter normaler dan dat het in die kast verdwijnt waarvoor het bestemd is. Die kasten puilen over het algemeen uit. Handschoenen, reserve olie kleding, deodorant bussen, toilettassen, boeken, tijdschriften en seizoensgebonden kleding wat door elkaar ligt zorgt ervoor dat de schaarse ruimte snel opgevuld wordt. Beter gezegd, ‘mannenkasten.’

Juist omdat de ruimte zo beperkt is nemen de meeste vissers veel spullen elke week ook weer mee naar huis. Dan gaat het om tablets, opladers echter nemen sommige zelfs elke week hun beddengoed mee. Zelf zeul ik elke week een hele media winkel mee naar zee. Telefoon met oplader, GoPro met twee doosjes aan attributen, een laptop met van alles en nog wat. Het houd voor mij niet op met alleen maar een schoon stel sokken en onderbroek zoals het bij de vorige generatie vissers ging.

Een kok kan best wel eens een weekje zouteloos koken. Het word hem niet in dank afgenomen maar de wereld vergaat daar door niet. Een machinist kan altijd nog een oud shirt gebruiken als poetslap wanneer het nodig is. Alleen ligt het halve visnet aan puin poeier, tja dan is het wel fijn dat je het visnet ook weer ter plekken kan repareren. Als je op zee zit en de dichtstbijzijnde haven is een paar honderd kilometer van je verwijderd is het zonde om voor een sluiting een touwtje en een pluisie naar binnen te moeten. Het kost veel tijd en ook in de visserij is tijd geld. Eerder naar de haven terug keren is gewoon weg niet rendabel.

Wat nou als je als visserman zelf persoonlijke spullen bent vergeten en je zit op zee. Simpel, dan heb je gewoon domme pech. Voor een pakkie vloei, aansteker of oplader van een laptop keert de kotter echt niet terug naar de haven. Laat ik die eerste twee nou net niet nodig hebben maar baal ik wel van dat ik deze week niet kan vloggen. Laatst genoemde heb ik thuis laten liggen.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.

Webservice door: TexelOnline.com