logo

Vissersdochtertje.

De vrouw waar ik ontzettend veel van hou, gelukkig mee getrouwd ben en waar ik onwijs veel lol mee heb, is niet alleen een super vissersvrouw. Zij is wanneer ik op zee ben de vader en de moeder van het gezin in één. Ze houdt het gezin draaiende, zorgt voor gezond eten, een warme knuffel voor haar kinderen of een vaderlijke toespraak op zijn tijd. Een gecompliceerde baan die zij vol overgaven volstaat, waar ik trots op ben. Twee jongens en één meisje mocht zij gezond op de wereld brengen. Drie kindjes, allemaal van hetzelfde vlees en bloed maar toch zo verschillend. Drie wezentjes waar ik mega trots op ben en nooit meer uit mijn leven weg zou willen denken. De ene is wat ingetogen, de andere wat zorgzamer maar de derde? Dat is toch wel een verhaal appart.

Het is een replica van haar moeder, een miniatuur weergave in het kwadraat. Deze week was het al weer vier jaar geleden dat zij, de dakpannen waaiden letterlijk van het huis af, voor het eerst in mijn armen lag. Haar oogjes bleven voor lange tijd gesloten alsof zij niet wilde verraden wat voor twinkeling er achter haar oogleden schuil ging. Eenmaal geopend veroverde zij mijn hart op bijna dezelfde manier dan dat ik haar moeder voor het eerst tegen lijf liep. Liefde op het eerste gezicht.

Ook al voelt onze eerste ontmoeting als de dag van gisteren, toch zijn er al vier jaar voorbij. Vier, voor mijn gevoel, korte jaren waarin zij van baby omtoverde tot kleine diva die zich, door haar grote zorgzame broers, niet de kaas van het brood laat eten. Haar blonde lokken zijn al even lang als die van haar moeder. Haar lachje betoverend en haar gedrag als dat van een onschuldig monstertje die van niets weet als ze iets stouts heb gedaan. 

Dochterlief is het meisje die, wanneer ik thuis ben, altijd in mijn gezichtsveld bivakkeert. Op nog geen vijf seconden afstand volgt zij mij als een trouw hondje alsof ik een worst aan mijn gat heb hangen. Soms lijkt het wel alsof zij als een navelstreng aan me verbonden zit. Waar onze zonen meer naar moeders toetrekken, ook al zijn dat evengoed mijn beste vrienden, zo afhankelijk is zij van haar vader. Ze is de vaste hulp bij het visbakken, de rechterhand bij het boodschappen doen, het verlengde van mijn schaduw. 
Nu zij twee pleegzusjes heeft is het te merken dat zij voor haar plekje vreest. Dat zij bang is dat één van de twee dames de stoorzender wordt op onze goede radiogolf. Ze haalt fratsen uit die ze nog nooit eerder heeft gedaan en laat haar nagels meerdere malen spreken. Ergens is het ook wel logische, de impact voor haar zal groter zijn dan dat ik ooit kan bedenken. Alsof zij als koningin van de troon wordt verstoten door een dienaar. Toch blijft de kleine dame, die eindelijk naar de ‘grote’ school mag, zonder onderscheid te maken tussen haar stoere broers en kleine pleegzusjes een verhaal apart.

Zondag avond is een avond van afscheid nemen. Het moment dat dochterlief met krokodillen tranen nog een laatste omhelzing geeft die langer duurt dan de overtocht vanaf ons eiland naar Den Helder. Woorden dat ik niet weg mag gaan en zij mij toch wel héél erg gaat missen, schieten door merg en been wanneer zij die snikkend uitspreekt. 

Waar ik niet bij ben maar mijn vrouw vaak genoeg over vertelt is dat onze kinderen elke dag vragen wanneer ik weer terug kom van zee. De jongens, die ondertussen wel het tijdsbesef hebben, gaat het om het opblijven, het stoeien en de gekkigheid. De kleine meid meer om de knuffels en de aandacht. Voor haar duurt een week te lang wat voor dikke tranen zorgt, heimwee naar haar vader die op zee er alles aan doet om zijn kids een goed leven te geven. 

De zee gaf een uitkomst voor het heimwee probleem. Schelpen van wulken en purperslaken, die jarenlang dienst hadden gedaan als woning voor deze traag voortbewegende beestjes, liggen soms tussen de spartelende levende vissen in voor het oprapen. Ze zijn verlaten, te groot voor een heremietkreeft om hem mee te tillen op zijn rug. Min of meer zijn ze doelloos geworden waardoor ze langzaam verzuren op de bodem van de zee. 

Sommige vissers nemen die schelpen, met kisten tegelijk, mee naar huis voor hun kinderen zodat zij die op een overvolle haven kunnen verpatsen aan toeristen. Er zijn ook vissersvrouwen die met opgeviste schelpen knutselstukjes maken om er daarna veel geld voor te vangen. Vrouwen die hun vent een extra dagtaak geven omdat al die schelpjes schoongekookt en leeg gepeuterd moeten worden.
Voor mijn dochter nam ik ook een schelp mee naar huis. Een mooie grote witte schelp waarop hele lichte blauwe streepjes op staan. Een schelp die zij op haar oor kan plaatsen waardoor zij het ruisen van de zee hoort. Natuurlijk beseft zij niet dat ze haar eigen bloed hoort stromen, maar denkt ze dat zij het water hoort waar haar vader op verblijft. Haar kinderlijke beredeneren zorgt ervoor dat haar heimwee elke avond verdwenen is. Wanneer de kleine dame naar bed gaat, en zij mist me, pakt ze haar schelp om te luisteren. Droomland is daarna niet verweg en de dag van thuiskomen voor ons allebei een stapje dichterbij. 


U kunt mij volgens op social media via Facebook, Twitter en Instagram.

  • Facebook: Martijn Van den Berg (de schrijvende visser)
  • Twitter: @romkes3 
  • Instagram: deschrijvendevisser 

Of vraag via deze site de Nieuwsbrief aan. 


3 thoughts on “Vissersdochtertje.”

  1. Wat een geweldig verhaal weer, Martijn! Jouw parels kunnen trots op jou zijn. Volgens mij ben je een supervader en goede vent voor je vrouw. Ik blijf het volgen! Charissa

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

Webservice door: TexelOnline.com